previous arrowprevious arrow
next arrownext arrow
Shadow
Slider

St Aegtenhuis, Bagijnhof en Pesthuis

Het Begijnhof was een van de oudste in ons land; in 1249 beschikte het al over een eigen kapel en begraafplaats. Omstreeks de helft der 14de eeuw vond men zelfs binnen Middelburg een steenbakkerij, en wel in het Bagijnhof. Het terrein van de Begijnen werd (ruwweg) omsloten door de Spanjaardstraat, de Wagenaarstraat en de Schotse hoek (Koningstraat). Aan de noordkant lag het tegen de stadsmuur (ruwweg Zuidsingel) aan. Een enorme lap grond, waarvan de gemeente voor de reformatie al een stuk had afgeknibbeld voor de St.-Jorisdoelen.

Het St Aegtenhuis, eertijds het Nonnenklooster van de Zwarte Zusters, ook Bachten 's Graven steene genoemd, stond aan de Wagenaarstraat/Balans, met een daarachter grenzend Bagijnhof; 't welk toen reeds rijk aan armgoederen moet geweest zijn, en een Leenhof bezat. Althans Graaf Willem van Holland en Zeeland maakte in 1254 aan alle zijne Zeeuwsche Schouten bekend, dat hij den grond, waar op dat Hof gevestigd was, van al haar lasten vrij had verklaard, en tevens vastgesteld, dat de aldaar wonende nonnen, wegens al het land dat zij bezaten, voor Schepenen te Middelburg alleen te regt gesteld konden worden, en dezelfde voorregten als de overige Burgers dier plaats zouden genieten. 

Bagijnhof Middelburg

Het Oud Bagijnhof was zeer ruim van omvang; het bedroeg de grond waar de Baginagie, de Breede en de Luthersche kerk gevonden wordt. Het bestond uit een verzameling van kleine woningen, omringd door een muur en van een afzonderlijk kerkgebouw voorzien. Het hof was tot op het jaar 1578 bewoond door bagijnen, ook wel zwarte zusters genoemd, welke zich, evenals de grauwe zusters, toewijdde aan het oppassen van zieken en het bewaken van doden. 

In 1550 werd het klooster gesloopt. Na het beleg in 1574 werden de terreinen ter beschikking gesteld van het oude Gasthuis. De arme begijnen mochten in hun huisjes blijven wonen. De Begijnenkerk en de pastorie, in de latere Cellebroersgang, werden in 1587 afgebroken en daarna ging de instelling door uitsterven teniet. De terreinen werden geleidelijk aan bebouwd; de bestaande gebouwen werden een tijd lang gebruikt als armenschool. Later werd een deel van deze behuizing verbouwd tot woning voor de rector van de Latijnse school. De staat van het Oude Bagijnhof, onder den naam van Baginage bekend, toonde in 1830 een armoedig tafereel. In 1914 werd er al met ontruiming van de huisjes begonnen, om in 1924 te worden gesloopt voor 76 arbeiderswoningen; tegenwoordig is er niets meer over dan de naam en een beeld in de Stoppelaarstuin van drie begijnen op een bakstenen voetstuk, van Peter de Jong.



Geschiedenis Pesthuis

Het allereerste Pesthuis was gevestigd in het Gasthuis link van de St Barbarakapel. Behalve de kapel werd in 1493 en 1494 een verdieping op het toen al bestaande Gast- of Passantenhuis gezet om in de daardoor verkregen kamer pestlijders te verplegen. Vanaf 1493 hielpen de gezellen uit de bajert (Bajart — bayert; bayert-boef = zwerver, landloper, kroegboef) aan het delven van de fundamenten van de nieuwe kapel en in 1494 werden 50 pannen op het dak van de bajert gelegd. In de nieuwe mannen- en vrouwenbajert (gevangenis) werd een stenen bak gemaakt voor drinkwater en werden er bedden geplaatst; benevens van het leggen eener goot tusschen 'tlanghe zieckhuys ende de mannen bayart aan de lange Dilft, het dichten van vensters van het lange ziekenhuis en van de 'vierscare'. Tussen de ziekenzaal en de kapel stond een gebouw voor de rechtbank, de vierschaar, gelegen op de bovenste verdieping en de mannen en vrouwen bayert lag beneden. Hetzij dat betere inzichten in het voorkomen en bestrijden van de ziekte ontstond, hetzij dat de"gave Gods" in hevige mate in de stad voorkwam, het is zeker dat het tijdperk, waarin men pestlijders in het Gasthuis nabij andere zieken verpleegden ten einde spoedde.  

Bij het uitbreken van de besmettelijke en 'haastige ziekte', de Pest, werd op last van het Stadsbestuur een Pesthuis opgericht in een gedeelte van het St. Aagtenhuis, waar tegenwoordig de St.-Jorisdoelen gevonden wordt. Het zij evenwel dat dit Aagtenhuis verviel, of voor het gebruik te klein werd, in 1573 werd naast het Bagijnhof, tegen de stadsmuur een Pesthuis gebouwd, 't welk uit de fondsen van het Gasthuis bekostigd, in de rekening over dat jaar, onder den naam van het nieuwe Pesthuis vermeld wordt, en tot het jaar 1724 deze bestemming heeft behouden en later tot eene Glasblazerij is ingerigt. Rondom het pesthuis van 1573 was het Begijnkerkhof van de Begijnen gelegen. In 1605 werd besloten om hier een gewoon kerkhof van te maken. Dit kerkhof werd ook wel armenkerkhof of het oude kerkhof genoemd. Dit is tot 1738, op de plaats van waar nu de Lutherse kerk en de pastorie staan, in gebruik geweest. In dat jaar werd op een hoek van het voormalige kerkhof een beenderhuis gebouwd. Het beenderhuis werd gelijktijdig met de St. Pieterskerk in 1834 gesloopt.

In 1745 wordt een woning aan de Schroeweg buiten de Vlissingsche poort aangekocht en tot pesthuis gedestineerd. 

OUD MIDDELBURG: In 1590 moet men de bajert niet meer in het Gasthuis aan de Lange Delft zoeken, maar in het Bagijnhof, waar de woningen, later gemerkt nrs. 36 en 37, als zodanig dienden. Het oude gast- of passantenhuis verloor in 1605 de naam van bajert; en werd voortaan aangeduid onder die van mannen en vrouwen pottershuizen. In 1607 werden de pottershuizen naar het Gasthuis verhuisd, althans in 1631 en volgende jaren werd het pakhuis nr. 26, op het erf van het gasthuis, voorheen de Engelse kamer, later verhuurd aan het chirurgijnsgilde, als Potterkamer gebruikt. Rond 1649 werden de woningen nrs. 26 en 27 in het Bagijnhof als pottershuizen  vermeld, waar zij vanaf die tijd gevestigd bleven. Bij de reorganisatie der gestichten in 1812 bleven de pottershuizen nog in stand (zie de notulen van de Commissie der hospices van 1812 November 24).

Bronnen, noten en/of referenties: © Tekst bijgewerkt en aangepast door Oud Middelburg
Geraadpleegde lectuur 
 - Archieven, Godshuizen te Middelburg, 1343-1812
 - 
Mengelwerk 1838 
 - Met dank aan Theo de Roos
 - 
http://www.katpkn.xara.hosting/site2/ link
 - https://encyclopedievanzeeland.nl/Middelburg link

 

Website oudmiddelburg.nl. Brongegevens: Gids door Walcheren, gedrukt bij C.H.J. van Benthem Jutting te Middelburg. De Gids door Walcheren en Gids voor Middelburg, gedrukt bij J.C & W. Altorffer te Middelburg. Voorts is er gebruik gemaakt van "De monumenten van Middelburg" van W.S. Unger. Ontbrekende gegevens zijn verkregen uit websites en overige publicaties. Voor de juiste adressen hebben we gebruik gemaakt van het "Stratenregister Middelburg", een naslagsysteem betreffende de wijk-, straatnaam- en huisnummerwijzigingen in Middelburg samengesteld door het Gemeentearchief Middelburg in 1989.

Gebruik van foto's uit de Beeldbank van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed | Historisch-topografische atlas 'Zelandia Illustrata' van het Koninklijk Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen (KZGW) Beeldbank Zeeland | Archieven.nl | TU Delft Beeldbank | Rijksmuseum | Collectie glasnegatieven in beheer van Oud Middelburg. Alle foto's zijn aangepast en ingekleurd met de hand door Oud Middelburg. Het garandeert geenszins dat de ingekleurde afbeelding een nauwkeurige weergave is van de daadwerkelijke momentopname.

Auteursrecht
Op sommige op de site aanwezige creaties (vormgeving, beeldmateriaal en teksten) rust intellectueel eigendomsrecht. Wilt u gebruik maken van de publicaties zoals deze op de website worden getoond, met name het beeldmateriaal met brongegevens van de rechthebbenden, kopieer/link dan het webadres van de desbetreffende pagina. Gelieve de afbeeldingen en/of tekst niet geheel of gedeeltelijk te kopiëren, te reproduceren, te plakken of te fotokopiëren, screenshots te maken of te knippen. Hiermee schendt u onze rechten.